Performatief onderzoek: het sterfbed van de monitor
In dit artikel ga ik in op een performatief onderzoek waarbij ik onderzoek deed naar de bezieling van een apparaat en in dat proces gehecht ben geraakt aan een monitor.
De afgelopen twee weken ben ik bezig geweest met een monitor (hij/hem/het) uit 2006. Ik wilde graag onderzoeken wanneer een apparaat een 'ziel' krijgt en heb hier een aantal tests voor uitgevoerd. Ik heb de monitor schoongeschrobt, uit elkaar gehaald, en later, na een reflectie waarin ik merkte dat ik een bezieling bij het apparaat had opgemerkt, opgebaard.
In het uitvoeren van het onderzoek merkte ik dat ik, naarmate ik meer met het apparaat bezig was, er telkens nieuwe gevoelens bij kreeg. Toen ik de monitor eerst schrobte merkte ik een zekere zorg voor het apparaat op, al voelde het wel nog als een object. Later, toen ik het uit elkaar ging halen, rook ik een sigarettengeur die in de monitor zat en kwam ik een aantal buisjes met kwik tegen, waardoor het voor mij tot leven kwam en een verhaal kreeg. Zo voelt de monitor voor mij als een man, waarschijnlijk omdat ik de geur van sigaretten en omgaan met kwik, ergens in mijn brein, als mannelijke eigenschappen heb opgeslagen.
Tijdens een gesprek met mijn begeleider Jorrit kwamen we op het onderwerp bezieling en vroeg ik me af waarom zo'n apparaat niet echt een 'ziel' zou hebben. Jorrit, die ook onderzoek heeft gedaan naar dit fenomeen, deelde de volgende theorie.
De realisatie dat het daadwerkelijk zo zou kunnen zijn dat het een ziel heeft, die ik heb afgenomen door het uit elkaar te halen en daardoor zijn 'bestaansrecht' af te nemen, was voor mij erg pijnlijk en draag ik tot de dag van het schrijven van dit artikel (21 februari) met mij mee.
Ik had de losse onderdelen van de monitor bewaard in een IKEA tas, een gedachte die ik nu echt niet meer begrijp. Uit mijn schuld- en spijtgevoelens kwam de behoefte om de monitor een mooie 'laatste' rustplek te geven.
Het enige wat geen logische plek bij de 'laatste rustplek' kon vinden was een dertigtal aan verscheidene kleine schroefjes. Deze heb ik sindsdien in een zakje op de huid gedragen. Ik merkte dat dit voor mij een manier was om in contact te blijven met mijn gevoelens van spijt, maar ook om dit te kunnen verwerken. Daarnaast wilde ik onderzoeken of het me zou lukken om een intiemere relatie met deze schroefjes aan te gaan en tot in hoeverre ik die relatie zou kunnen opbouwen. Deze schroefjes, en de monitor, gaan later ongetwijfeld een grotere rol spelen in het onderzoek.
Ik zal nu in gaan op de verschillende stappen die ik in dit performatieve onderzoek heb gemaakt. Dit zal ik doen aan de hand van enkele geschreven observaties en video's.
Met een tandenborstel, afwasmiddel en kleine doekjes wordt het beeldscherm zorgvuldig gepoetst. Hieruit kwamen de volgende observaties, geschreven zoals ik ze tijdens het proces heb opgeschreven, met gedachtes schuingedrukt eronder als ze van belang zijn. De observaties die mij het meest aanspreken zijn dikgedrukt.
Deze observaties en bijbehorende notities zijn geschreven vóór mijn reflectiemoment met Jorrit, waarin ik in contact kwam met mijn schuldgevoel en spijt. Zie deze observaries en bijbehorende notities dus als een momentopname en helder beeld van de context in het midden van het onderzoek.
- Op die manier bezig zijn met een apparaat voelt bijna intiem om met andere mensen in de buurt te doen.
Op het moment zelf heb ik het omschreven als intiem; achteraf voelt het meer als simpelweg ongemakkelijk. Ik vind alsnog het woord intiem interessant in deze context.
- Het poetsen van het beeldscherm met een tandenborstel maakt het beeldscherm tot iets heel anders. Het beeldscherm kan niet tegen water, dus dan voelt het niet als scherm.
- Voor een lange tijd probeerde ik niet aan het scherm zelf te komen om schade te voorkomen. Ook was het schoonmaken van de knopjes erg spannend. Het voelde verrassend dat het scherm niet meteen helemaal stuk ging toen het gepoetst werd.
Terwijl ik weet dat de enige functie van dit apparaat op dit moment is om gebruikt te worden voor dit onderzoek en in dat proces stuk te gaan, voelde het fout om aan het beeldscherm te komen of om water in de buurt te laten komen van de mechanieken aan de binnenkant. Het voelde alsof ik op die manier het ding stuk (dood?) zou maken, ondanks dat ik weet dat ik het niet meer ga gebruiken.
- Desondanks voelde het ergens ook 'satisfying' om iets te doen wat niet mag.
- Het voelt ergens heel 'satisfying', leuk en fijn om op die manier heel zorgzaam iets schoon te maken. Het is ook heel fijn om te zien dat het resultaat heeft en uiteindelijk ook schoner is.
- De geur van de afwaszeep maakte dat het object wel echt een object bleef. Een mogelijk volgende stap in dit onderzoek is om zeep bedoeld voor mensen, bijvoorbeeld shampoo, te gebruiken en te zien wat dat doet. Daarnaast ben ik flink bezig geweest met schrobben, iets wat je met een levend wezen niet zou doen.
- Ik vond het belangrijk om resultaat te zien. Onbewust bleef ik toch bezig met een mogelijke reparatie, na de afloop van dit onderzoek.
- Het apparaat voelde bijna menselijk in de zin dat die vies was door een leven wat die had geleefd. Op een of andere manier was die vies geworden door iets wat die 'gedaan' zou hebben. Het vies zijn suggereerde dus acties (of inacties) die die had ondernomen.
Dit komt ook overeen met het maakspoor in de richting van de imperfectie die menselijkheid suggereert.
Nadat de monitor schoon was gemaakt, was het tijd om hem uit elkaar te halen.
Hieruit komen de volgende observaties. Wederom zijn de meest interessante of relevante ontdekkingen dikgedrukt.
- Het uit elkaar halen van de apparaten zelf vond ik, op dat moment zelf, vooral erg interessant en leuk om te doen. Het voelde als een leuke puzzel om te onderzoeken hoe ik het apparaat zo effectief mogelijk uit elkaar kon halen.
- Des te verder het apparaat uit elkaar gehaald werd, des te meer ik bij het apparaat ging merken en voelen. Ik kwam er, zoals eerder beschreven, achter dat het ruikt naar sigaretten, waardoor ik me een beeld begon te vormen van waar de monitor heeft gestaan. Dit is het moment dat het apparaat voor mij een ziel kreeg.
- Tijdens het uit elkaar halen van het apparaat schreef ik de vraag op: 'waarom zou ik iets weg doen als het me altijd trouw heeft gediend?' Waar enkele impliciete boodschappen in zitten. De meest relevante daarvan vind ik de boodschap van de duidelijke rol van 'dienaar', die het apparaat heeft. De naam 'robot' komt oorspronkelijk ook van harde werker: de rol van dienaar is dus blijkbaar intrinsiek aan het apparaat zelf. Dat roept de vraag op, zou een apparaat ook de andere rol kunnen aannemen, waarbij de gebruiker de dienaar wordt? Dit vind ik een mogelijk interessante volgende stap.
- Tijdens het uit elkaar halen kwam de naam Robert voor de monitor in me naar boven. Ik gebruik echter de woorden 'apparaat' en 'monitor' om het te beschrijven. Het voelt alsof ik dat doe om het apparaat- of dus, Robert- enigszins op afstand te houden.
Kleine notitie voordat we verder de video observaties in duiken: zoals elders beschreven in dit artikel voelde ik me, nadat ik het apparaat uit elkaar had gehaald, erg schuldig en had ik er spijt van. Het beschrijven van deze observaties en het terug zien van de video is voor mij dus ook een vrij pijnlijke ervaring. Het onderzoeken van deze pijnlijke gevoelens is een volgende stap in het onderzoek waar ik tegenaan hik.
Achteraf heb ik de monitor opgebaard en voorzichtig verplaatst met een klasgenootje.
Het enige wat geen plaats had in deze 'grafkist' waren de schroefjes. Die waren moeilijk te plaatsen zonder dat ze zouden verdwijnen. Ik heb deze toen voorzichtig in eerst een theezakje en daarna een klein ander steviger zakje gedaan, die ik nu op de huid meedraag. Zo voelt het bijna alsof ik zorg draag voor 'kinderen' of 'zaadjes' die de monitor heeft achtergelaten.
Conclusies
- De bezieling van een apparaat gebeurt wanneer de interactor in staat is om hun gevoelens, gedachtes en aannames op het apparaat te projecteren. Dit gebeurd vaak door een interactie met een apparaat aan te gaan, bijvoorbeeld door tijd te spenderen om het uit elkaar te halen of door het een naam te geven.
- Wanneer de interactor tot op zekere hoogte een gevoel heeft bij het apparaat, is die eerder in staat om het te behandelen alsof het een mens is, bijvoorbeeld door het op te baren. Deze handelingen voelen dan ook minder 'awkward', tenzij er andere mensen betrokken zijn.
- Schuldgevoel en spijt zijn grote triggers in het bouwen van een relatie met een apparaat of object. Vooral de existentiele vraag wanneer iets een ziel heeft, waarin de suggestie schuilt dat een apparaat (die vernield is) een ziel heeft, kan deze gevoelens triggeren. Schuldgevoel en spijt zijn dus erg effectieve emoties in het bouwen van een relatie.
- Het terugkijken van de video's waarin ik de monitor uit elkaar haal voelen voor mij nu heel pijnlijk om te zien.
Vervolgstappen
- Zijn er mogelijkheden voor mij om 'boete te doen', of mijn schuld richting de monitor in te lossen?
- Hoe manifesteert mijn rouw, schuldgevoel en spijt zich, en waarom ervaar ik deze gevoelens?
- Hoe ontwikkelt mijn relatie tot de schroefjes zich?
- Zou het mogelijk zijn om deze gevoelens bij een deelnemer op te wekken, en welke boodschap(pen) zouden daar mogelijk mee gepaard gaan?
- Lukt het mij om een soortgelijk experiment opnieuw uit te voeren en welke gevoelens roept dat bij me op?
- Een eigen blik ontwikkelen op het onderwerp 'bezieling'.
- Zou een apparaat ook de andere rol kunnen aannemen, waarbij de gebruiker de dienaar wordt?
Plannen of ideeën eindproduct
- Een installatie waarin personen gevraagd worden om bepaalde acties met objecten uit te voeren binnen verschillende contexten (wel of geen geprojecteerde ziel, wel of geen interactie, etc) om de deelnemer te laten onderzoeken wat voor hen de grens is binnen bijvoorbeeld het vernielen van een niet- levend wezen
- Een installatie die in gaat op het proces van het sterven van deze monitor, en zijn levensloop, en zijn potentie
- Een (performatieve) installatie waarbij de deelnemer uitgenodigd wordt om een relatie tot een apparaat of object te ontwikkelen, bijvoorbeeld een zelf meegebracht object of een aangeleverd object. Wat is ervoor nodig voor de deelnemer om dit object mee naar buiten te nemen en ervoor te gaan 'zorgen'?



Reacties
Een reactie posten